Ik liep alleen door de verlaten straten
geen mens wilde zich in dit weer buiten begeven
Met mijn hoofd diep in mijn kraag
Had ik niets in de gaten
Zo in de schaduw van de regen
Een zonnestraal deed mijn gedachten verdringen
Ik keek op en zo kwam ik je tegen
Je was zo mooi zo puur zo gracieus
Ik wou wat zeggen maar wist niet waar te beginnen
Zo in de schaduw van de regen
Je keek mij aan, ik was ten einde raad
"Ga je mee wat drinken" zei je heel verlegen
Ik sloeg mijn arm om haar heen
En samen wandelde we verder door de straat
en in de schaduw van de regen